Yunnan

Dominicus

 

Met dank aan Dominicus en Inge Jansen voor de teksten bij de provincies.
Dominicus reisgidsen staan voor kwaliteit, betrouwbaarheid en een nieuwsgierige blik op de wereld. Een samenwerking tussen Discover China en Dominicus ligt dan ook voor de hand: onze organisaties hebben eenzelfde doel voor ogen, mensen op een prettige manier kennis laten maken met een voor hen misschien onbekend land. De nieuwe website van Discover China vormt een uitstekend uitgangspunt voor een onvergetelijke bezoek naar China, na een blik op deze site is je reis eigenlijk al begonnen...

Meer lezen uit de Dominicus China? Bestel deze gids hier

Yunnan

yunnan_bloemenCamelia’s, rododendrons en thee­struiken groeien op de hoogvlakten waaruit de provincie Yunnan, in het uiterste zuidwesten van China, voornamelijk bestaat. Die hoogvlakten rijzen steil op in het noordwesten en vanuit de uitlopers van de Himalaya. De gemiddelde hoogte is ca. 2000 m, de lager gelegen delen bevinden zich langs de grenzen met Birma, Laos en Vietnam. De hoge ligging en de tropische locatie zorgen ervoor dat Yunnan het gehele jaar door een mild en warm klimaat heeft. Door de provincie stromen drie belangrijke rivieren: Nu (Salween), Lancang (Mekong) en Yangzi. In het zuidwestelijk gedeelte van de provincie, dat grenst aan Birma, Laos, Vietnam en Tibet, leven naast de Han-Chinezen 22 etnische minderheden.

Vanuit de hoofdstad Kunming zijn in Yunnan drie avontuurlijke bestemmingen te bezoeken: Dali en Lijiang in het noordwesten en Xishuangbanna in het zuiden. Die drie gebieden staan bekend om hun natuurschoon, historische bezienswaardigheden en kleurrijke minderheden.

Hoofdstad Kunming
Kunming (bijna 3,5 miljoen inwoners, inclusief de gewesten) is de hoofdstad van de provincie Yunnan en verkeerskruispunt voor Zuidwest-China. De stad ligt op 1891 m hoogte in een vruchtbare vallei, in het centrum van het Yunnan-Guizhou-plateau. Aan de zuidwestkant ligt het grote Dian-meer. Door de bescherming van de omringende bergen in het noorden, westen en oosten heeft Kunming het gehele jaar door een aangenaam klimaat en altijd bloeiende bomen. Kunming wordt daarom De Stad van de Eeuwige Lente genoemd.

kunmingIn Kunming woont een groot aantal niet-Chinese minderheden als Yi, Hui, Bai, Miao en Hani. Zij beslaan ongeveer 12 procent van de gehele bevolking van Kunming. Deze minderheden hebben hun eigen cultuur, taal, klederdracht, tradities, religieuze gewoonten en in de meeste gevallen plaatselijke autonomie. Dit verklaart ook het rijke aanbod aan kruiden, specerijen, gerechten, gebak, fraai geborduurde kleding en soorten hoofdbedekking op de stadsmarkten. In de verschillende restaurants worden specialiteiten als Yunnan-ham of Acht-Schattenrijstepap bereid.

Lange tijd is het centrum van Kunming weinig veranderd. Met de modernisering van de stad worden echter overal oude wijkjes gesloopt – zoals in veel Chinese steden. Hier en daar is nog wat van het oude Kunming zichtbaar, bijvoorbeeld bij het Groene-Meerpark of in de smalle steegjes die de Dongfeng Lu kruisen. Hier zijn nog nauwe steegjes te zien, omzoomd door pittoreske huizen met twee verdiepingen en roodgroene, houten gevels, marktstalletjes, winkeltjes en theehuizen. Mannen zitten gehurkt langs de kant van de weg en roken hun sigaret uit lange, dikke bamboepijpen.

Bezienswaardigheden
Kunming is ca. 4 km in diameter, omringd door een rondweg. De Chang­chun Lu, de eerste grote oost–weststraat ten noorden van de Dongfeng Lu, is een bruisend winkeldistrict met oudere winkels en huizen. Op de Daguang Lu staan vaak medici langs de kant van de weg, inclusief tand­artsen, om voorbijgangers te helpen. Vóór het Green Lake Hotel bij het Groene Meer bieden ’s avonds blinde masseurs en masseuses soms hun diensten aan. Hoewel Kunming zelf veel te bieden heeft, is de stad dikwijls uitvalsbasis voor tochten naar de minderheden in de provincie Yunnan.

Provinciaal Museum van Yunnan
Het Provinciaal Museum van Yunnan ligt op het kruispunt van de Dongfeng Xilu en de Wuyi Lu. Het museum heeft beneden twee vleugels, in de linkervleugel zijn tijdelijke tentoonstellingen ondergebracht, in de rechtervleugel is de permanente collectie van de 22 minderheden in Yunnan. Er zijn geen verklaringen in het Engels, maar de meeste voorwerpen spreken voor zich.

Twee zalen op de bovenste verdieping zijn geheel gewijd aan de archeologie van Yunnan, met name de beroemde bronzen voorwerpen van het Dian-koninkrijk (ca. 1200 v.Chr.) met gedetailleerde voorstellingen over het dagelijks leven uit die tijd. Ook de bronzen dieren verdienen de aandacht.

Groene-Meerpark
Rondom het Groene Meer in het noordwesten van de stad, tegenover het Green Lake Hotel, ligt het prachtige Groene-Meerpark. Vooral op zondagmorgen is het er vol: ouders met hun ene kind naast ouderen die tai ji quan doen, kaarten, mahjong spelen, oude volksliedjes of stukken uit een Chinese opera zingen. Dit gebied (vlak buiten de oude stadsmuren) was een moeras totdat tegen het einde van de 17de eeuw keizer Kangxi het liet droogleggen en er een meer met een park van liet maken, met het hoofdpaviljoen op een eiland. Twee met wilgen beplante dijken lopen dwars over het meer. Aan deze wilgen en het groen van de lotusbloemen dankt het meer zijn naam.

Moskeeën
De grote gemeenschap van 40.000 moslims in Kunming bezit zeker vijf moskeeën (qi-ngzhe-nsì). De grootste, in een mengeling van Chinese en Arabische stijlen, ligt aan de Jinbi Lu 153 en heet Shui­ning Moskee. Aan de overkant van deze straat is (nu nog) een leuke oude wijk met veel halal (moslim) restaurant­jes. Ga niet te opzichtig gekleed en gebruik camera’s met enige terughoudendheid.

Omgeving Kunming
stenen_woud_kunming_yunnanStenen Woud

In het gewest Lunan (autonoom gebied van de Yi-minderheid), 120 km ten zuidoosten van Kunming, ligt het Stenen Woud. Dit is een van China’s opmerkelijkste natuurfenomenen. Het woud beslaat een gebied van 27.000 ha.

Nadat het gesteente ca. 270 miljoen jaar geleden was gevormd als afzetting in een ondiepe koraalzee, werd het later door omhoogstuwende krachten opgeheven tot het huidige niveau, waarna de erosie er vat op kreeg. Door regenwater, dat langs de scheuren in het gesteente liep, ontstond het typische karstlandschap.

De kalkstenen pinakels en rotsen zien eruit als versteende bomen. Sommige bizar gevormde pieken zijn wel 30 m hoog. Door de bevolking werden ze gezien als pagoden, torens of zuilen. Zo ontstonden ook talrijke legenden over het woud en kreeg elke rots zijn eigen verhaal.

Bezoekers kunnen over stenen paden tussen de rotsen doorlopen en via trappen een uitzichtpaviljoen bereiken. Bij het Stenen Woud bevinden zich verschillende restaurants. In het gehele gebied, inclusief het Stenen Woud, woont de Sani-minderheid, een aftakking van de Yi-minderheid. In hun folklore komen talrijke legenden over het Stenen Woud voor. Zij wonen onder andere in het Vijf-Bomendorp (wuvshù cu-n) iets ten noorden van het Stenen Woud. Wie denkt hier het traditionele leven van de Sani te kunnen gadeslaan, komt bedrogen uit: het is er erg toeristisch.

kunming_yunnan_western_hillsDian-meer
Het door bergen omringde Dian-meer is het op vijf na grootste zoetwatermeer van China. Het ligt op 1884 m hoogte ten zuidwesten van Kunming en beslaat een gebied van 320 km2. In het meer monden meer dan 20 riviertjes uit.

Dian is een oude benaming voor de provincie Yunnan. Op het meer kan een boottocht van ongeveer 2 uur worden gemaakt. Rondom het meer ligt een aantal bezienswaardigheden zoals de Westelijke Heuvels en het Daguan-park.

Daguan-park
Het Daguan-park, aan de noordelijke oever van het Dian-meer, dateert uit 1682 en was oorspronkelijk een boeddhistische tempel. Het park heeft een netwerk van fraai besneden regenboogbruggen en paden tussen landschapstuinen en lotusvijvers.

In het noordwesten van het park ligt de in 1696 gebouwde Daguan-toren (drie verdiepingen), ook wel De Toren van het Prachtige Uitzicht genoemd. De witte toren heeft geglazuurde gele dakranden en traditionele blauwe houten ramen. Op de deurpost staat een beroemde inscriptie van de Qing-dichter Sun Ranweng over de schoonheid van het Dian-meer. In 1998 werd deze toren geheel gerestaureerd.

Haigeng-park en Minderhedendorp
Aan de noordoostzijde van het Dian-meer ligt het Minderhedendorp waar alle minderheden van de provincie vertegenwoordigd zijn. Hier zijn hun bouwstijl, kleding en traditionele zang en dans te bewonderen. Het nieuw aangelegde dorp doet erg kunstmatig aan. Bij het dorp ligt het Haigeng-park met mooie uitzichten op het meer.

kunming_western_hillsWestelijke heuvels
Op 15 kilometer van Kunming liggen de 2500 m hoge Westelijke Heuvels over een lengte van 40 km langs de westkant van het Dian-meer. Zij zijn ook bekend als de Slapende Schoonheid, omdat hun vorm op die van een slapende vrouw zou lijken. Er liggen hier verschillende beroemde tempels en pagoden. De Tempel van het Bloemenpaviljoen (huátíng sì), het grootste boeddhistische tempelcomplex van Kunming, dateert oorspronkelijk uit de 11de eeuw. Vooral in de 14de eeuw werd het een belangrijk klooster. De meeste gebouwen ontstonden tijdens een belangrijke uitbreiding in 1920. In het complex wonen nu 20 monniken.

De tempel is omringd door een muur waarlangs 3 m hoge pagoden staan. Bij de ingang van de tempel is een grote tuin met een kunstmatige vijver. Aan weerskanten van de ingang staan prachtige, 6 m hoge Hemelse Wachters. Binnen het complex staan nog grotere beelden van de Koningen der Vier Windrichtingen. In de hoofdhal zitten op lotustronen drie enorme boeddhabeelden met blauw haar. Langs de zijmuren staan 500 arhats, te vergelijken met die in de Bamboe-tempel (zie p. 191). Achter deze beelden staat een altaar voor Guanyin, de Godin van Barmhartigheid. Helaas is deze prachtige hal in 1995 gedeeltelijk door brand verwoest. Inmiddels is de hal weer gerestaureerd.

Hoger in de heuvels staat in een dicht bos de Grote-Bloementempel (tàihuá sì) die tijdens de Ming-dynastie is gebouwd. In deze tempel is het boeddhisme vermengd met het taoïsme. Bij de ingang van de tempel staat een stenen boog met fraaie gravures: boeddhistische symbolen, bloemen en schepselen. Daarachter ligt de Zaal van de Vier Wachters. De gebruikelijke boeddha is vervangen door een beeld van Guanyin, de Godin van Barmhartigheid, omdat de tempel aan haar is gewijd. Het hoofdgebouw draagt de naam Zaal van de Dierbare Held, ter ere van een beeld van de taoïstische god Zishi. Achter de drie boeddhabeelden en achter een mooi houten paviljoen staat een altaar voor Guanyin. Naast haar staan de taoïstische god Zishi en Wen Sheng, de God van de Literatuur.

In de achterste hal vertellen muurschilderingen het levensverhaal van Boeddha. Deze moeten van links naar rechts gelezen worden. Het begint met een schilderij waarop de jonge prins onbezorgd aan het spelen is. Als hij te paard de omgeving gaat verkennen, ziet hij de verschrikkingen waaronder het gewone volk gebukt gaat. Hij trekt zich terug in meditatie en verkrijgt uiteindelijk de verlichting, waarmee hij de eeuwige cyclus van lijden weet te doorbreken.

Het verderop gelegen taoïstische tempelcomplex de Paviljoenen van de Drie Zuivere Wezens (sa-nqi-ng gé) is oorspronkelijk aan het einde van de 14de eeuw gebouwd en diende als zomerverblijf voor de Mongoolse vorst Liang. In de 18de eeuw werd het gerenoveerd en als taoïstisch heiligdom in gebruik genomen. Het bestaat uit twaalf hallen, tegen de helling van de berg gebouwd en met elkaar verbonden door trappen en smalle paadjes. Van de interieurs is, behalve het centrale Sanqing-paviljoen met drie beelden van de taoïstische god Zishi, weinig overgebleven. Het complex bevat nu een groot theehuis, vanwaar men een prachtig uitzicht heeft.

Een stenen pad leidt vanaf de Paviljoenen van de Drie Zuivere Wezens verder omhoog naar een tunnel die via een stenen boog, de Drakenpoort (lóng mén), uitkomt op een tempel boven op een klip. Op de Drakenpoort staan in rood de karakters long en men. De 1,5 m brede stenen poort geeft toegang tot een terras en een in de rots uitgehakte ruimte met boeddhistische beeldhouwwerken. Van hieruit is een prachtig uitzicht over het Dian-meer en Kunming.

In 1781 begon een taoïstische monnik, Wu Laiqing, vanaf de Sanqing-tempel een weg door de rotsen te hakken. Na zijn dood zetten dorpelingen zijn werk voort en in 1853 was de tunnel klaar. Een gedenkteken in de rotsmuur, genaamd Het Bereiken van de Hemelse Grot, bevat een gouden beeld van Kui Xing, de patroonheilige van de geleerden. Hij wordt geflankeerd door Wen Sheng, de god van de Literatuur en Guan Gong, de god van Oorlog en Rechtspraak.

Een smal pad voert verder naar de rotskamer Hal die de Hemel Bereikt. Ingang, altaar en drakenbeeld zijn in de rots uitgehakt. Ook staat hier een beeld van Kui Xing, gezeten op de rug van een schildpad.

gouden_tempel_kunmingGouden Tempel
De unieke taoïstische Gouden Tempel ligt op de Mingfeng-heuvel, 11 km ten noordoosten van de stad. Om de tempel te bereiken, moeten talrijke treden worden beklommen, waarbij u eerst door drie Hemelse Poorten gaat en via een vierde poort het tempelterrein betreedt.

De Gouden Tempel werd gebouwd tijdens de Ming-dynastie en staat op een ondergrond van Dali-marmer. Het complex, dat meer dan 300 ton zwaar is, dankt zijn naam aan het koperen, 6,7 m hoge hoofdgebouw dat in het zonlicht schittert als goud. In 1659 werd de tempel uitgebreid door generaal Wu Sangui die de Gouden Tempel in gebruik nam als zomerverblijf. Aan de voorkant van de tempel staat een grote, met water gevulde urn met een stenen vis met open bek. Volgens enkele legenden zullen bezoekers die erin slagen een muntje in de bek van de vis te gooien, geluk krijgen.

Naast de tempel staat een beroemde, 600 jaar oude cameliaboom, waarvan schoonheid en vorm door diverse dichters zijn bezongen. In februari heeft hij honderden prachtige rode bloemen.

Bamboe-tempel
De Bamboe-tempel staat 12 km ten noordwesten van Kunming in een bosrijk gebied tegen de helling van de Yu’an Shan. Volgens de legende werd de tempel gebouwd in het jaar 638 om een wonderbaarlijke gebeurtenis te herdenken: twee prinsen achtervolgden een rinoceros diep het bos in. Toen het dier plotseling verdween, verscheen er op die plaats een groep monniken met bamboestokken in de hand. Ook zij verdwenen, maar lieten wel hun bamboestokken achter die in één dag zoveel blaadjes kregen, dat zij in een bos van speciale qiong-bamboe veranderden. Om deze gebeurtenis te herdenken, bouwden de prinsen op dezelfde plek een zenboeddhistische tempel.

Door de eeuwen heen is de tempel vaak verwoest en weer opgebouwd. De huidige tempel (ca. 1280) is vooral bekend om zijn 500 arhats, gemaakt tussen 1883 en 1890 door de bekende beeldhouwer Li Guangxiu uit Sichuan. Elk beeld van de beschilderde kleifiguren, naar werkelijke personen gemaakt, stelt een boeddhistische deugd voor. Volgens het volksgeloof kunt u bij een willekeurig beeld beginnen en de rij aan uw rechterhand aftellen tot u bij uw eigen leeftijd bent aangekomen. U staat dan voor de arhat die uw karakter het beste typeert.

Het belangrijkste tempelgebouw bevat drie grote boeddhabeelden: in het midden Boeddha Sakyamuni, links de Medicijnen-boeddha en rechts Amitabha, de Boeddha van Oneindig Licht.

Zwarte-Drakenvijver
De Zwarte-Drakenvijver ligt 11 km ten noordwesten van Kunming, in een bebost park in de Wulao-heuvels, aan de voet van de Drakenbronberg.

Ten tijde van de Ming-dynastie stond hier een tempel, die het grootste taoïstische centrum van Zuidwest-China vormde. De huidige tempel op een heuvel boven de vijver stamt uit de Qing-dynastie.

Volgens een legende woonden in deze vijver eens tien draken die de plaatselijke bevolking teisterden. In het jaar 750 bond de taoïstische geleerde Lu Dongbing de strijd met hen aan. Negen van hen doodde hij met zijn zwaard, maar een kleine zwarte draak liet hij in de vijver achter, op voorwaarde dat hij de bewoners van het gebied zou helpen om de vijver te bewaken. Sindsdien wordt Lu Dongbing (afgebeeld met een zwaard en een soort vliegenmepper) vereerd als een van de Acht Taoïstische Onsterfelijken. Hij is de beschermheilige van de Chinese kappers.

De botanische tuin in dit park is vooral bekend om zijn verzameling camelia’s, Yunnan-pijnbomen, rododendrons en azalea’s. Achter in de tuin bevinden zich enkele kassen.


dali_indigoDali
Dali ligt op 1976 m hoogte, 415 km ten noordwesten van Kunming. De naam Dali verwijst zowel naar de oude, ommuurde stad (12.000 inwoners) als naar het omringende gewest, dat 1468 km2 beslaat (870.000 inwoners). Het gewest bestaat uit een vlakte (56 km lang, 3 à 4 km breed) met aan de westkant de Cangshan (Azuren Bergen) en aan de oostkant het visrijke Erhai-meer (Oormeer). De 19 pieken van de Cangshan zijn gemiddeld 4000 m hoog. Van bovenaf lopen 18 bergstromen naar beneden, die door de boeren worden benut om de in terrassen aflopende velden te bevloeien.

De bergen bestaan uit graniet en bezitten grote voorraden marmer. Al eeuwenlang is Dali beroemd om zijn marmer, door geheel China gebruikt voor de bouw van tempels en paleizen. De belangrijkste plaatselijke producten zijn dan ook marmer en met marmer ingelegd meubilair. Andere producten zijn strowaren en blokken geperste thee gemaakt van Yunnan-thee die op de hellingen van de Cangshan wordt verbouwd. In de zomer en herfst wordt in de vruchtbare aarde van de vlakte van Dali veel rijst verbouwd, met bonen en tarwe als nevengewassen. Vroeger werd in de winter opium geteeld.

De omgeving van Dali stond ooit bekend om haar bamboebossen, pijnbomen en dennenbossen die de bergen rondom Dali bedekten. Als gevolg van behoefte aan brandhout en bouwmateriaal vond op grote schaal ontbossing plaats. Ook tijdens de Grote Sprong Voorwaarts in de jaren vijftig werden talloze bomen omgehakt. Nu zijn de hellingen veelal kaal. Om de herbebossing een kans te geven worden er jaarlijks boomplantcampagnes gehouden.

De bevolking bestaat grotendeels uit de Bai-minderheid, ook wel Minjia genoemd. Bai betekent wit, maar de oorsprong van deze naam is niet duidelijk. De Bai noemen zichzelf wel Sprekers van de Witte Taal.

De fraaie weg van Kunming naar Dali loopt via Chuxiong en Xiaguan en volgt een gedeelte van de zogenoemde zuidelijke Zijderoute, die verder via Birma naar India voert.

Bezienswaardigheden
Dali is een kleine stad waarvan de oude stadsmuren nog grotendeels behouden zijn. In Dali ligt alles op loopafstand. De hoofdstraat, Fuxing Lu, loopt van de noordelijke stadsmuur naar de zuidelijke stadsmuur. Halverwege deze straat ligt de Huguo Lu, door de Chinezen ook ‘buitenlanderstraat’ genoemd, vanwege het hoge aantal westerse cafeetjes en hotels waar u pizza’s kunt eten of koffie kunt drinken.

In Dali, met zijn witte muren (kleur van zuiverheid) en grijze daken, worden overal markten gehouden. Interessante koopwaar zijn: ruwe bruine suiker, gevlochten sandalen die de oudste zoon bij de begrafenis van zijn vader of moeder moet dragen, een ‘huid’ gemaakt van de schors van de palmboom die voor de warmte en als bescherming tegen de regen wordt gedragen, vierkante, gekleurde blaadjes waar men een boodschap op kan schrijven voor de overledene (tijdens de begrafenisplechtigheid worden deze blaadjes verbrand), waterpijpen, rieten krukjes en een bruinachtig soort kroepoek, dat gelei wordt nadat het in water is gelegd.

Museum van Dali
Dit kleine museum ligt in het zuidelijke gedeelte van de Fuxing Lu. Te zien zijn archeologische vondsten uit de omgeving. Tevens is er een tentoonstelling van schilders van de Yunnanschool.

Marmerfabriek
Van de meer dan 30 marmerfabrieken in China, is de marmerfabriek van Dali de beroemdste. Niet voor niets is het Chinese woord voor marmer dàlivshí (Steen uit Dali). Sinds de 7de eeuw wordt dit prachtige marmer hier gedolven. De fabriek (buiten de Noordelijke Poort van Dali) is in 1956 opgericht. De meeste van de 180 arbeiders komen uit een marmerverwerkersgeslacht. De producten, van vier soorten marmer gemaakt, zijn grotendeels bestemd voor export naar Guangzhou.

dali_3_pagodasDrie Pagoden
Ten noordwesten van Dali, onder de Langfengpiek, staan drie elegante pagoden, bekend als de Drie Pagoden van de Heilige Verering. Eens behoorden zij tot het grootste tempelcomplex van de Dali-vlakte.

Het grootste exemplaar, de 70 m hoge Qianxun-pagode (16 verdiepingen), werd in 840 gebouwd onder leiding van drie ingenieurs uit Xi’an. De twee kleinere, achthoekige pagoden van 42 m hoog (elk 10 verdiepingen) dateren uit de 10de eeuw. Achter de drie pagoden ligt een klokkentoren die tegen betaling beklommen kan worden. Vanaf hier is een mooi uitzicht over de drie pagoden en het achterliggende meer. De pagoden zijn tussen 1978 en 1980 gerestaureerd.

Tempels rondom Dali
Volgens een oude traditie placht men in Dali de doden te begraven tegen de steile berghellingen. Derhalve ontstonden hier ook tempels en grotten.

De Zhonghe-tempel (zho-nghé sì) ligt hoog in de bergen vlak achter Dali. Het is een hele klim, maar de omgeving is schitterend. Wie het zichzelf gemakkelijk wil maken kan de kabelbaan nemen.

De Guanyin-tempel (gua-nyi-n táng) ligt 5 kilometer ten zuiden van Dali. De legende gaat dat Guanyin, de Godin van Barmhartigheid, hier een grote kei plaatste om zo de aanstormende vijand tegen te houden. Later werd over deze kei een tempel gebouwd.

Vanaf de Guanyin-tempel leidt een steile weg van ongeveer 3 km naar de Gantong-tempel.

Ruïnes van Nanzhao
Nog iets verder naar het zuiden liggen de ruïnes van de oude hoofdstad van het Dali-gebied. Voordat het Nanzhao-rijk werd gesticht lag op deze plek de hoofdstad van het gebied, Taihe. De gehele stad was ommuurd. Na de stichting van het Nanzhao-rijk in de 8ste eeuw liet de nieuwe heerser een nieuwe hoofdstad bouwen vlak bij Taihe. Niet lang daarna was de stad volkomen verlaten en verviel tot ruïnes. Resten van de stadsmuur zijn nog zichtbaar, alsmede een zuil die voor de stadspoort heeft gestaan.

dali_erhai_fishermanErhai-meer
Een boottocht op het grote Erhai-meer, diep en visrijk, is een van de leukste manieren om de plaatselijke bezienswaardigheden te bezoeken. De westelijke oever van het meer is vlak, met bebouwde velden; op de rotsachtige oostelijke oever liggen kleine, ommuurde dorpjes. Behalve aan de westkant is het meer geheel omgeven door bergen.

Het Gouden Schuitje-eiland (ji-nsuov dao), het grootste eiland, ligt in het noordoosten. Dit 2 km lange eiland wordt bewoond door ongeveer 120 vissersfamilies van de Bai-nationaliteit. Direct ten noorden van het eiland strekt zich vanuit de kust een rotsachtig schiereiland uit met een paviljoen en een tempel. Deze Luoquan-tempel werd tijdens de Culturele Revolutie vernietigd, maar is recentelijk gerestaureerd.

Ongeveer 10 km ten zuiden van het Gouden Schuitje-eiland ligt het Kleine Putuo-eiland (xiao puvtuó), gewijd aan de godin Guanyin. Het eiland is genoemd naar de boeddhistische tempel die hier werd gebouwd in navolging van het bekende Putuo-eiland voor de kust van Ningbo in Zhejiang. De buitenmuren van de tempel zijn gerestaureerd met schilderijen van vogels, dieren en bloemen; het dak heeft krulranden.

Op het vasteland, iets ten noorden van het Kleine Putuo-eiland, ligt het dorp Wase, dat vooral leuk is als er markt is. Dat is om de vijf dagen het geval; informeer bij de cafeetjes.

Xiaguan
Xiaguan (450.000 inwoners), 15 km ten zuiden van Dali, was eens een belangrijk punt langs de Birmaweg. Het is nog steeds een regionaal transport- en verkeersknooppunt. Xiaguan is de zetel van het bestuur van de Dali Bai Autonome Prefectuur. Voorheen heette de stad ook (Nieuw) Dali. De bevolking van Xiaguan leeft vooral van de productie van thee, sigaretten, textiel en chemicaliën. Er is een theefabriek voor Yunnan-thee, die in blokken geperst naar Tibet wordt geëxporteerd. Bij Xiaguan ligt het Erhai-park (evrhai go-ngyuán) met een mooi uitzicht over het Erhai-meer. In het park bevinden zich paviljoens, trappen, bloementuinen en een theehuis. Aan de oostelijke voet van de heuvel ligt een kleine botanische tuin, beroemd om zijn camelia’s, azalea’s en magnolia’s. Vooral in het weekend wordt het Erhai-park druk bezocht door picknickende families; ’s avonds door paartjes.

Jizu-berg
De heilige Jizu-berg (3240 m), ten noordwesten van Xiaguan in het gewest Binchuan, is sinds de 7de eeuw een belangrijk bedevaartsoord en kloostercentrum voor boeddhisten. Jizu betekent letterlijk kippenpoot, wat volgens de Chinezen precies de vorm van deze berg is.

Tot aan de Culturele Revolutie stonden op deze heilige berg meer dan 360 tempels. De centrale tempel is de Heilige-Wenstempel (zhùshèng sì), gebouwd ter ere van de monnik Jiaye die uit India kwam om het boeddhisme te verspreiden. De weg naar de Gouden Top (ji-ndivng) gaat via de overblijfselen van de beroemde walnootbossen, tempels en paviljoens. Op de top van de berg staat de vierkante, 40 m hoge Lengyanpagode, gebouwd tussen 650 en 655.

Shaping
Aan het noordelijke uiteinde van het Erhai-meer, op 30 km afstand van Dali, ligt het dorp Shaping. Hier vindt elke maandagochtend vanaf 10 uur op een heuvelachtig weiland de grootste, meest gevarieerde en meest oorspronkelijke markt van de streek plaats. De markt dankt het kleurrijke karakter mede aan de prachtige geborduurde kleding van de Bai-marktvrouwen. De kleding is op de markt ook volop te koop. Tot de overige handelswaar behoren biggen, aardewerk en bamboevisfuiken.

dali_xizhouXizhou
25 kilometer ten noorden van Dali leidt een zijweg vlak voor de brug over de Wanhua 3 km naar het oosten, naar Xi­zhou, waar dagelijks een kleurrijke markt plaatsvindt. Xizhou is een oude stad waar de Bai-architectuur goed bewaard is gebleven.

Tijdens de Ming-dynastie maakte Xi­zhou een grote bloeiperiode door toen, als gevolg van de bloeiende handel in theeblokken met Tibet, rijke theehandelaren naar het gebied kwamen en er hun tuinen en plezierhuizen bouwden.

Zhoucheng
Het dorp Zhoucheng, het grootste dorp van de Bai-minderheid in Yunnan, ligt 30 km ten noorden van Dali aan de hoofdweg, onder de Yunlongpiek. Bijna alle bewoners behoren tot de Bai-minderheid. Vanwege een snelle agrarische ontwikkeling heeft het dorp een aanzienlijke rijkdom vergaard. Zhoucheng heeft pittoreske, schilderachtige straatjes. Op het marktplein in het centrum is het altijd een drukte van belang. Aan het begin van het dorp bevindt zich een fabriek waar blauwwitte Bai-stoffen worden gemaakt. Nadat het patroon op de stof is aangebracht, wordt dat gedeelte van de stof dat wit moet blijven, dichtgenaaid met kralen erop (net als smokwerk), waarna de stof in een ronde, houten tobbe met een donkerblauwe verfstof wordt gedoopt en ten slotte wordt gedroogd.

In Zhoucheng woont de bekende Bai-schilder Yang Wen Xuan. Voordat hij schilder werd, was hij 20 jaar arts. Zijn atelier hangt vol met eigengemaakte schilderijen en tekeningen. Hij leeft deels van de verkoop van zijn werk aan toeristen.

Vlinderbron
Dicht bij Zhoucheng ligt, iets van de hoofdweg af, de Vlinderbron. Volgens een legende plachten twee geliefden van de Bai-minderheid elkaar op deze plaats te ontmoeten. Een plaatselijke despoot wilde het meisje echter tot concubine nemen, waarop de twee in de bron sprongen en verdronken. Sedertdien komen zij en haar geliefde elke lente als een paar vlinders naar de bron toe. Vroeger kon men daar in die tijd wel 10.000 vlinders aantreffen. Met het toenemend gebruik van insecticide is hier een einde aan gekomen.


naxi_shamanHet autonome gewest Lijiang en de Naxi
Lijiang, dat zich uitstrekt over een 2600 m hoog plateau in het noordwesten van de provincie Yunnan (196 km ten noorden van Dali), ligt aan de voet van het 5596 m hoge sneeuwgebergte van de Jade Draak. Lijiang is de zetel van het autonome gewest Naxi. In Yunnan en Sichuan wonen 250.000 Naxi, waarvan de meeste in Lijiang en omgeving. Verder zijn er etnische bergvolkeren, zoals Lisu, Bai, Yi, Tibetanen.

De twaalf met sneeuw bedekte toppen zijn meestal in wolken gehuld. Het gebergte is vooral beroemd om zijn bijzondere flora en fauna, vooral de meer dan 100 verschillende soorten notenbomen, zo’n 400 soorten kruiden en meer dan 300 verschillende azalea’s en rododen­drons.

Lijiang staat nog steeds bekend als Het Land der Paarden. Op de jaarlijkse dierenmarkten, in april en september, staan paarden en muilezels centraal. Zij herinneren aan de glorierijke dagen, toen Lijiang nog het eindpunt was van de karavaanroute van Tibet naar China en de Naxi als bemiddelaars optraden. Een kwart van de bevolking bestond in die tijd uit Tibetaanse handelaren.

Door de geïsoleerde ligging heeft Lijiang in de geschiedenis verder geen rol van betekenis gespeeld. Beroofd van hun oude rol, profiteren de praktische Naxi nu van hun bossen die zij kappen voor China.

De keuken van de Naxi bestaat voornamelijk uit maïs, tarwe, bonen en wat water. Het belangrijkste vlees, varkensvlees, moet volgens hen zo vet mogelijk zijn. Het nationale gerecht, baba, is een dikke, doorgebakken tarwecake met verschillende vullingen, zoals vlees, uien, jam, gesmolten suiker, honing en varkensvet. Een variatie is nuomi baba, een kleine pannenkoek van plakrijst met iets zoets. De Naxi drinken van kinds af aan honingwijn die zij ook zelf maken; hij smaakt enigszins als sherry.

lijiang_oude_stadBezienswaardigheden
De oude stad
De stad Lijiang wordt door de Leeuwenheuvel in twee afzonderlijke delen gesplitst, Oud-Lijiang en Nieuw-Lijiang. Oud-Lijiang (50.000 inwoners) heeft een stratenplan dat grotendeels meer dan 200 jaar oud is. De straatjes zijn met kiezelstenen geplaveid, voor de huizen staan potten met bergplanten en er zijn leuke restaurantjes. In de nauwe straatjes is gemotoriseerd verkeer streng verboden. Door de stad lopen drie kanalen waarin mensen de was doen of hun groenten wassen. De kanaaltjes hebben goten in drie lagen. Uit de bovenste laag wordt water gedronken. In de middelste laag wordt groenten en rijst gewassen. In de onderste laag worden kleren gewassen.

Op het marktplein, waar de handel van de karavaans zich afspeelde, verkopen Naxi-vrouwen souvenirs. Ook worden hier veel koperen producten te koop aangeboden. Dit regionale product is beroemd om zijn goede kwaliteit. De koperen producten die tegenwoordig op de markt worden aangeboden, zijn echter beduidend minder van kwaliteit.

De Naxi besteden veel aandacht en geld aan het bouwen en renoveren van hun huizen. Deze bestaan meestal uit twee verdiepingen en zijn gebouwd rond een centrale binnenplaats. Elk huis heeft een overdekte veranda die uitkijkt op de binnenplaats, waar het sociale leven zich grotendeels afspeelt.
Boven de oude stad uit torent de Leeuwenheuvel met de televisietoren en het Leeuwenheuvel-park (shízisha-n go-ngyuán). Vanaf hier is het sterke contrast tussen de twee stadsgedeelten goed waarneembaar. Nieuw-Lijiang, waar veel Han-Chinezen wonen, is slechts 35 jaar oud en bestaat voornamelijk uit flatgebouwen.

lijiang_black_dragon_poolVijver van de Zwarte Draak
De Vijver van de Zwarte Draak ligt aan het noordelijke uiteinde van de stad, aan de voet van de Olifantberg.

Na de ingang komt (rechts) de bibliotheek, met erachter het Dongba Cultureel Onderzoeksinstituut. In 1954 begonnen enkele plaatselijke geleerden met een klein museum, dat in 1981 officieel onderdeel werd van de Academie van Sociale Wetenschappen van de provincie Yunnan. Doel van dit instituut is het bestuderen, documenteren en bewaren van de oude Naxi-cultuur van de Dongba’s, religieuze sjamanen die een belangrijke rol in de traditionele maatschappij speelden. Door de eeuwen heen zijn duizenden boekjes over alle mogelijke, religieuze en niet-religieuze, onderwerpen door de Dongba’s geschreven. Verderop is de 17de-eeuwse Drakengodtempel, nu een tentoonstellingsruimte voor bloemenshows en kunstmanifestaties.

Het Maan-Omarmendepaviljoen stamt uit 1962. Het oorspronkelijke paviljoen (einde Ming-dynastie), werd in 1950 in brand gestoken. Fraai is de Hal van de Vijf Feniksen, gebouwd aan het begin van de 17de eeuw en zo genoemd vanwege zijn dakranden. De hal behoorde tot de Tempel van het Gelukzalige Land en werd tussen 1976 en 1979 hierheen overgebracht. Samen met de bibliotheek is dit het enige wat is overgebleven van het tempelcomplex (30 km ten westen van Lijiang), het oudste en vroeger een van de belangrijkste lamaïstische kloosters van Lijiang.

In de vijver ligt een paviljoentje waar regelmatig uitvoeringen van Naxi-muziek worden gehouden. De Gordelbrug (van na 1949) heet zo omdat hij op de riem (gordel) van een mandarijn lijkt.

baishaBaisha
Het dorp Baisha (15 km ten noorden van Lijiang) was ooit de hoofdstad van de Naxi voordat het gehele gebied door Kublai Khan werd veroverd en Lijiang het nieuwe centrum werd. De naam Baisha komt van Boashi (Dode Pumi), een verwijzing naar de succesvolle veldslag en de slachting van de Pumi-stam in vroeger tijd. Tegenwoordig is Baisha niet meer dan een klein dorp met modderige straatjes waarin koeien worden voortgedreven door Naxi-vrouwen en kippen en varkens rondscharrelen op zoek naar wat eten. Smoezelige kinderen roepen hello! naar elke buitenlander die voorbij komt.

De meeste toeristen worden in de hoofdstraat onderschept door de – inmiddels beroemde en beruchte – dokter Ho. Deze kruidendokter troont een ieder die wil mee naar zijn huis, waar hij een kruidenthee tegen verkoudheid, keelpijn of andere kwaaltjes kan bereiden. Ook heeft hij een overstelpend aantal schriften met reacties van andere toeristen en artikelen die over hem zijn verschenen.

Ook van het glorieuze verleden is in Baisha nog iets zichtbaar: in de Dabaoji-tempel (dàbaoji- go-ng). Op de binnenmuren daarvan zijn fresco’s met taoïstische en Tibetaans-boeddhistische afbeeldingen uit de 15de en 16de eeuw te zien. Bij de ingang speelt vaak een Naxi-orkest van oude mannen. In 1998 werd een gedeelte van de tempel gerestaureerd, maar de achterste hal met fresco’s is nog in authentieke staat.

Meer fresco’s zijn te zien in de Dajue-tempel in het dorpje Longquan, een paar kilometer ten zuidwesten van Baisha.

puji_monnikBelangrijke tempels van Lijiang
In de 17de eeuw maakte Lijiang een grote bloeiperiode door, die wordt belichaamd in de Hemelse koning Mu. Hij was het stamhoofd van de Naxi die in 1598 op elfjarige leeftijd als koning aan de macht kwam. Binnen 20 jaar had hij op cultureel, economisch en politiek terrein zo van zich doen spreken dat hij door de Ming-keizers tal van titels kreeg toebedeeld. Hij was een religieus man en een voorvechter van het boeddhisme, in het bijzonder van de roodkap-sekte van het Tibetaanse boeddhisme. Mede door hem werden belangrijke tempels rond Lijiang gebouwd. Tot aan het begin van de 20ste eeuw woonden de afstammelingen van deze Mu nog in Lijiang en werden zij, hoewel zij allang niets meer in hadden te brengen, aangesproken met de eretitel ‘koning’.

De Tempel van de Universele Weldoendheid (puvjí sì) ligt boven het dorp Puji (5 km ten noordwesten van Lijiang). Vanuit de vlakte leidt een bergpad in ongeveer een half uur wandelen naar de tempel. De Boeddha-zaal, grotendeels geruïneerd, heeft nog muurschilderingen, boeddhabeelden en Tibetaanse thangka’s.

De Jadepiek-tempel (yùfe-ng sì) ligt 11 km ten noordwesten van Lijiang, hoog op een bergrug te midden van een pijnbomenbos met prachtig uitzicht over de vallei. De tempel heeft verscheidene gebouwen die via stenen trappen en paden op verschillende niveaus met elkaar zijn verbonden. In de vroegere Hoofd-Boeddhazaal (nu theehuis) zijn overblijfselen van muurschilderingen in Tibetaanse stijl. Vlak bij de ingang van het gebouw op het hoogste niveau staat een heel oude cameliaboom, beroemd in heel Yunnan, omdat hij eind februari/begin maart zo omvangrijk bloeit dat er volgens de plaatselijke bevolking duizenden bloemen aan zitten.

De Cultuurpiek-tempel (wénfe-ng sì) ligt 9 km ten zuiden van Lijiang aan de voet van de Wenbi-berg. Het eens zo beroemde tempelcomplex is nu een ruïne, maar heeft nog enkele Tibetaanse mandala’s en geschriften, dakschilderingen en zes rode pilaren. Vroeger was de tempel vermaard als meditatiecentrum.

yunnan_meili

Jade-Draaksneeuwberg
De Jade-Draaksneeuwberg is een uitloper van de Himalaya. De hoogste top ligt op 5500 m. In de zomer is de top vaak in wolken gehuld, maar bij helder weer is de altijd besneeuwde berg een prachtig gezicht, vooral vanuit het park van de Vijver van de Zwarte Draak, waar de sneeuwberg in het meer weerspiegelt. Vanuit Lijiang is het mogelijk een excursie naar de berg te maken. Om nog dichter bij de top te komen kunt u gebruik maken van een kabelbaan. In 1999 is het tweede traject van de kabelbaan gereedgekomen, zodat u nu tot 4506 m hoogte kunt gaan per kabelbaan. Deze excursie is alleen de moeite waard bij helder weer.

Shigu en de eerste bocht van de Yangzi
Shigu is een klein dorp aan de eerste bocht die de Yangzi maakt. De Yangzi ontspringt in het Tibet-Qinghai Plateau, waar ook de Mekong en Salween-rivieren ontspringen. De drie rivieren lopen ongeveer 100 km in zuidelijke richting naar de Zuid-Chinese Zee. Dan maakt de Yangzi een plotselinge bocht naar het noorden en vervolgens weer naar het zuiden, waarna de rivier in oostelijke richting verder gaat en uiteindelijk uitkomt in de Oost-Chinese Zee. Dit bochtige gedeelte van de Yangzi wordt ook wel Gouden Zandrivier genoemd, naar het goud dat hier uit de rivier werd gewonnen.

In Shigu is een kleine stenen trommel (shigu) te zien: een herdenkingsteken voor een oorlog tussen Naxi en Tibetanen in de 16de eeuw, waarbij de Tibetanen het onderspit delfden. Vanuit Lijiang is het mogelijk een excursie te maken naar Shigu.

tijgersprongkloofTijgersprongkloof
Ongeveer 50 km van de eerste bocht van de Yangzi bij Shigu perst de rivier zich door een van de diepste kloven ter wereld, met aan de ene kant de Haba-bergen en aan de andere kant de Jade-Draaksneeuwberg. Het is mogelijk in twee tot drie dagen een ‘trek’ door de kloof te maken. Sommige cafés in Lijiang regelen excursies naar de Tijgersprongkloof.

Nguluko
In het dorp Nguluko (Sneeuwpijnboomdorp, 15 km ten noordwesten van Lijiang) woonde van 1922 tot 1951 de Oostenrijks-Amerikaanse botanist en ontdekkingsreiziger Joseph Rock. Hij heeft talrijke plantensoorten uit Lijiang in het westen geïntroduceerd, werken over de Naxi geschreven en onderzoek gedaan naar de etnologie van dit volk. Zijn huis, nu bewoond door een van zijn vroegere muilezeldrijvers, kan worden bezocht. Het dorp staat ook model voor de kleinere dorpen van de Naxi.


xishuangbannaHet autonome gewest Xishangbanna
De autonome prefectuur Xishuangbanna van de Dai-minderheid, in de zuidwesthoek van Yunnan, grenst in het zuidoosten aan Laos en in het zuidwesten aan Birma. Dwars door het gebied stroomt de Lancang, in het westen bekender als de Mekong. Lange tijd was Xishuangbanna een van de ontoegankelijkste gebieden van China. In het midden van de 19de eeuw hadden reizigers meer dan een jaar nodig om er vanuit Beijing te komen. Hoewel de moderne tijd nu ook vat lijkt te krijgen op dit gebied, is het nog steeds een van de meest achtergebleven gebieden van China.

Xishuangbanna beslaat een gebied van 19.200 km2 en omvat de gewesten Jinghong, Menghai en Mengla. Het heeft een tropisch/subtropisch klimaat. De streek wordt beïnvloed door de moesson van de Indische Oceaan in het zuiden en door de Tibetaanse hoogvlakte in het westen. De Yunnan-Guizhou-hoogvlakte in het oosten beschermt de streek tegen koude luchtstromen. Derhalve zijn er strenge winters noch hete zomers en evenmin grote verschillen tussen de vier seizoenen. Er is een droge en een natte tijd. De regentijd is tussen juni en augustus.

Zo’n 96 procent van het gebied is bergachtig, van 550 tot 2300 m. De hoogste piek is de Kongming Shan (2300 m). Er zijn dichte oerwouden met teak-, mahonie-, sandelhout- en kamferbomen en bamboebossen die worden geëxploiteerd. Verder worden er medicinale kruiden verzameld en worden er kinine en rubber gewonnen. In de oerwouden leven nog olifanten, tijgers, beren, pythons, apen, herten, luipaarden, pauwen en andere tropische fauna, waaronder de neushoornvogel. Ook de flora is er gevarieerd. De meeste dorpen liggen in 34 valleien tussen de bergen in.

jinghongJinghong en omgeving
Jinghong, hoofdstad van Xishuangbanna, op 560 m hoogte, was vroeger een onbeduidende plaats aan de oever van de Lancang (Mekong), maar is nu een tamelijk modern regionaal centrum. De straten zijn omzoomd door palmbomen. Bijna alles is te voet bereikbaar. Jinghong zelf is niet zo boeiend. De stad dient meer als basis voor uitstapjes naar omringende plaatsen en dorpen. Interessant in het centrum is de straat met medici die voorbijgangers behulpzaam zijn met acupunctuur, kiezen trekken enzovoort. In het stadsgedeelte van de Dai, waar de huizen op palen zijn gebouwd, zijn de mensen vriendelijk en gastvrij.

Bezienswaardigheden

Onderzoeksinstituut van tropische planten
Dit instituut ligt in het westen van de stad. Hier zijn meer dan 1000 verschillende plantensoorten te zien. In het park is ook het Zhou Enlai-herdenkingsteken dat herinnert aan zijn bezoek aan Jinghong in 1961.

Pauwenmeer-park
Het kleine Pauwenmeer-park met dierentuin ligt naast een meer in het centrum. De huisvesting van de dieren is slecht. Elke zondagavond is er in het park een English Language Corner, waarbij plaatselijke jongeren hun pasverworven kennis van het Engels op reizigers uitproberen. Liefhebbers zijn van harte welkom.

Brug over de Lancang-rivier
In de gehele provincie Yunnan zijn slechts enkele bruggen over de Lancang (Mekong) gebouwd. Een van de belangrijkste is de Jinghong-brug, in 1960 aangelegd om Xishuangbanna met Kunming te verbinden. De strategische brug wordt permanent bewaakt. De Lancang is in Yunnan over een afstand van 320 km bevaarbaar.

xishuangbanna_dorpDai-dorpen
Ten zuiden van Jinghong liggen de traditionele Dai-dorpen Manjinglan en Manting. Beide dorpen zijn te voet vanuit Jinghong te bereiken. Een ander Dai-dorp is Manjao waar ook de fraaie, gerenoveerde Mian-tempel te zien is. Als u Jinghong aan de noordkant over de Jinghong-brug verlaat, bereikt u dit dorp na ongeveer een half uur wandelen.

In Mengyang (34 km ten noordoosten van Jinghong), aan de weg naar Simao, wonen onder andere Hani, Lahu en Dai. Vlak bij Mengyang ligt een dorp van de Bloemgordel-Dai, een kleurrijke tak van de Dai-familie.

Ganlanba
Ganlanba, door de plaatselijke Dai-bevolking Menghan genoemd, ligt aan de Lancang (Mekong) ten zuidoosten van Jinghong. Ganlanba bestaat grotendeels uit traditionele Dai-huizen. De marktstraat is heel levendig. Het is mogelijk een boot te huren voor een vaartocht over de rivier. Hier moet overigens wel veel geld voor worden betaald. In Ganlanba is verder weinig te zien, maar zoals bij zoveel dorpjes in Xishuangbanna is het een prima uitgangspunt voor het maken van wandelingen of het verkennen van de omgeving per fiets.

Damenglong
Damenglong (67 km ten zuiden van Jinghong, 8 km van Birma, Myanmar) is een verzameling van Dai-, Lahu- en Hani-dorpen, in een heuvelachtige omgeving aan de Nan’a. De plaats heeft een levendige zondagochtendmarkt, die wordt bezocht door zowel minderheden als de bevolking uit Birma (Myanmar). In Damenglong is een groot aantal Mian-tempels en Dai-huizen te bezichtigen.

Manguanglong-klooster
Het Manguanglong-klooster, waar 30 jonge boeddhistische monniken en hun twee meesters wonen, ligt ten zuiden van Jinghong, aan de weg naar Damenglong. In het hoofdgebouw, waar de soetra’s worden gereciteerd, staat een groot boeddhabeeld.

Manfeilong
Achter het dorp Manfeilong (ca. 2 km vóór Damenglong) ligt de Manfeilongheuvel, met op de top de Witte Pagode van de Vliegende Draak of Manfeilong-pagode. Deze pagode is gebouwd in 1204 in Zuidoost-Aziatische stijl en is diverse malen gerestaureerd. Het is een van de belangrijkste boeddhistische heiligdommen van Zuid-China. Acht kleine stoepa’s omringen een 16 m hoge centrale stoepa. Aan de oostkant van de pagode is een kleine rode deur die meestal gesloten is, maar door de beheerder soms op verzoek wordt opengemaakt. Hierachter bevindt zich een belangrijk reliek: voetafdrukken van Boeddha. De buitenkant van de pagode is versierd met horizontale, helder gekleurde strepen en ingelegd met stukjes spiegel. Samen met de pagode in Menglan is deze pagode het fraaiste voorbeeld van Birmese stijl in Xishuangbanna.

Xiaojie
Het plaatsje Xiaojie (15 km van Damenglong) wordt omringd door dorpen van de Hani, Lahu en Bulang. De Bulang-vrouwen dragen zwarte tulbanden, versierd met zilver.

Menghai
Menghai (53 km ten westen van Jinghong) is de grootste stad van West-­Xishuangbanna. Doordat de stad op 1400 m hoogte ligt, kunnen de boeren slechts eenmaal per jaar rijst oogsten. Wel is het klimaat perfect voor het verbouwen van thee. Menghai, een van de grootste theegebieden van China, levert aan Hongkong Pu’er thee, aan Tibet theeblokken en aan Frankrijk de geliefde afslankthee (tuccha). De Menghai-theefabriek is de grootste onderneming van Xishuangbanna. Op zondagen wordt een levendige markt gehouden, die door leden van verschillende minderheidsgroepen wordt bezocht.

Menghun
Zo’n 26 km ten zuidwesten van Menghai (90 km van Jinghong) ligt het plaatsje Menghun. De levendige zondagochtendmarkt wordt bezocht door verschillende minderheidsgroepen die in de bergen rond Menghun wonen. De markt is bijzonder kleurrijk en vormt een van de voornaamste attracties van Xi­shuangbanna.

xishuangbanna_jingzhenJingzhen
Het dorp Jingzhen ligt 14 km ten noordwesten van Menghai. Vlak bij de hoofdweg staat op de kunstmatige Jingzhen-heuvel de Achthoekige Pagode (ba-jiao tivng), ook wel Jingzhen- pagode genoemd. De 16 m hoge pagode, gebouwd in 1701, bestaat uit drie delen: basis, lichaam en top. De achthoekige basis is van steen. Binnen- en buitenmuren zijn bedekt met vaalrood pleister, ingelegd met gekleurd glas en versierd met goud- en zilverpoeder in ontwerpen van bloemen, dieren en menselijke figuren. De dakconstructie zou de hoofdbedekking van Boeddha voorstellen. Vier daken van elk tien lagen wijzen naar de vier windrichtingen. Naar boven toe worden de lagen steeds smaller en komen boven bijeen in het midden, de vijfde windrichting symboliserend, waar de Adi-boeddha (oer-boeddha) verblijft. Aan de hoeken van de dakranden hangen bronzen klokken. Drie andere gebouwen (1985) op de heuveltop huisvesten een bibliotheek en woonruimten voor de plaatselijke monniken. In het hoofdtempelgebouw bevinden zich boeddhabeelden uit Thailand. Er is ook een schooltje dat bezocht wordt door jonge monniken en meisjes uit het dorp. Vanaf de heuvel is er uitzicht op het dorp.

Banlacun
Het dorp Banlacun (31 km van Jinghong) ligt aan de weg van Jinghong naar Menghai, aan de Sanliu. Om het dorp te bereiken moet men via een bamboevlot het riviertje oversteken. In het dorp, bestaande uit zestig over een heuvel verspreid liggende huizen, wonen Aini- en Hani-minderheden.

Na de Dai zijn de Hani de meest voorkomende minderheidsgroep in Xishuangbanna. Zij dragen zwarte kleding met zilveren ornamenten. In een Aini-huis slapen de mannen aan de ene kant van het vuur, de vrouwen aan de andere kant.

Mengzhe
De plaats Mengzhe (24 km ten westen van Menghai) ligt in het hart van het theegebied. Er zijn hier verschillende pagoden, met als bekendste de Man-Lei-Grote-Boeddha-pagode met twee grote beschilderde stoepa’s. De centrale, 20 m hoge pagode, met de basisvorm van een Tibetaanse stoepa, staat op een vierkante sokkel. Het bovenste gedeelte is voorzien van boeddhistische symbolen. In Meng­zhe wordt een kleine zondagsmarkt gehouden.

xishuangbanna_ainiAini-dorpen
De Aini, een tak van de Hani-minderheid die wijd verspreid over Zuid-Yunnan woont, dragen kleurrijke kostuums. Ze wonen in de valleien en op de lagere hellingen rond Nanluoshan ten zuidwesten van Menghai.

Lahu-dorpen
hoger in de bergen bij Nanluoshan liggen de dorpen van de Gele tak van de Lahu-minderheid. De meerderheid van de Lahu woont in Simao. De anderen in het overige deel van Xishuangbanna zijn gewoonlijk Gele Lahu. Eeuwenlang heeft deze groep diep in de bergen geleefd. Tot op heden handhaaft zij haar traditionele gewoonten.