Woestijnen

taklamakan_woestijnChina’s houding ten opzichten van de woestijnen van Centraal-Azië, de Taklamakan en de Gobi, heeft in de loop der eeuwen de nodige wijzigingnen ondergaan, al aar gelang de kracht van het centraal gezag en de behoeften aan relaties met het buitenland. Tijdens de Han dynastie (206 v. Chr. – 220 na Chr.) had men nogal wat interesse in het verre westen, in de paardenhandel (nodig voor het leger) met de frerghana-vallei en via tussenpersonen in de zijdehandel met Rome. De Chinese regering onderhield de Grote Muur tot aan Jiayuguan en een serie wachtorens daarachter tot in de Gob-woestijn. De wachtorens waren bedoeld als bakens die de autoriteiten moesten waarschuwen voor problemen in de periferie van de Chinese staat. Er bestaan nog veel op houtstroken geschreven documenten die ons gewag doen van het dagelijks leven van de garnizoenstroepen aan de afgelegen grens.

dunhuang_grottenTijdens de Tang-dynastie (618 – 907) was de grenstreek wederom van betekenis, toen monniken over de Zijderoute naar India reisden en er steeds meer Chinese nederzettingen kwamen. Maar pas met de qing in de achtiende eeuw, breidden de Chinezen hun zeggenschap over de verdere woestijn uit, over de Taklamakan, en namen in 1759 de stad Kashgar in en vestigden de Chinese heerschappij over de beide grote woestijnen van Centraal Azië tot aan de val van de dynastië in 1911.
Centraal Azië bestaat uit een uitgestrekte woestijn, naar het noorden en zuiden omgeven door brengen. Naar het noorden is dat de Tiensjan-bergketen, die vaak met sneeuw is bedekt, maar vanwege de roodbruine kleur van de lagere hellingen meestal wordt beschreven als de ‘Vlammende Bergen’. Naar het oosten ligt de Gobi woestijn met haar noorden de Turfan-depressie, zo’n 300 meter onde de ziespiegel, een van s’ werelds diepste depressies. Ten zuiden van dit gebeid ligt de Lo Nor, een zoutmeer dat some wordt gevoed door de rivier de Tarim. De Tarim, die in de loop der eeuwen vaak van loop is veranderd, markeert de Gobi en het oostelijker gelegen gedeelte van de Taklamakan-woestijn dat zich uitbreidt naar het Pamir-gebergte.